Het geluid komt uit het gewrichtsvocht, niet uit het bot. Elk gewricht in de wervelkolom zit in een kapsel met een dun laagje vocht, waarin gassen opgelost zijn. Trekt de manueel therapeut de gewrichtsvlakken een klein stukje uit elkaar, dan daalt de druk in dat vocht ineens en komt het gas vrij als een belletje. Dat is de knak die u hoort. Het verschijnsel heet cavitatie.
Wat er dus niet gebeurt: er verspringt geen bot, er wordt niets teruggezet en er gaat geen wervel terug op zijn plek. Wat wel gebeurt, is dat het gewricht heel even iets verder beweegt dan het uit zichzelf kon. Het belletje lost binnen een kwartier tot een half uur weer op. Daarom kunt u hetzelfde gewricht niet meteen nog een keer laten kraken.
Het kraakgeluid is dus geen teken van slijtage en ook geen teken van herstel. Het is druk die verandert.




