Vanaf de eerste maanden maakt uw lichaam meer van het hormoon relaxine. Dat maakt de banden rond het bekken en de wervelkolom soepeler, zodat het bekken bij de bevalling ruimte kan geven. Het gevolg merkt u eerder: het SI-gewricht aan de achterkant van het bekken krijgt meer speling en de spieren moeten harder werken om het bekken stabiel te houden.
Tegelijk verschuift het zwaartepunt naar voren. De lage rug komt holler te staan, de buikspieren rekken uit en de bilspieren doen minder. Bij ongeveer de helft van de zwangere vrouwen geeft dat ergens in de zwangerschap bekkenpijn of lage rugpijn, meestal vanaf de vijfde maand.
Bekkenpijn of lage rugpijn: het verschil
Bekkenpijn zit laag, aan de achterkant rond de bilplooi of vooraan op het schaambeen, en steekt bij omdraaien in bed, traplopen of op een been staan. Lage rugpijn zit hoger, boven het bekken, en zeurt bij lang staan of zitten. De manueel therapeut test welke van de twee het is, of allebei, want de behandeling verschilt. Meer over het bekken leest u op de pagina over manuele therapie bij het bekken en SI-gewricht.




